Actueel

  • 10 december 2018

    Regeling doorstroom po-vo (hoog)begaafden gepubliceerd

    Lees meer…

  • 5 december 2018

    Het moet schuren. 8+-groepen op het Emelwerda

    Lees meer…

  • 5 december 2018

    Artikel Een soepele overgang voor (hoog)begaafde leerlingen

    Lees meer…

  • 1 december 2018

    Expertmeeting SLO Talentnetwerk Limburg

    Lees meer…

  • 21 november 2018

    Ontwikkelingen in de visitaties


    Lees meer…

Column Dick van Hennik #7: Compacten, hoe doe je dat?

Dick van Hennik is onder andere voorzitter van de Vereniging BPS. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

In de jaren ’80 van de vorige eeuw vroeg ik docenten om de achterstand van een zieke leerling te helpen wegwerken. Ik was conrector van de onderbouw van een scholengemeenschap. Het meisje (tweede klas vwo/havo) was vijf maanden ziek geweest en had in die periode nauwelijks iets aan schoolwerk kunnen doen. Het was al april en doubleren was zowel voor de ouders, voor het kind als voor mij geen optie. Hoewel er geen testgegevens beschikbaar waren, kreeg ik wel de stellige indruk dat er sprake was van hoge intelligentie. Met hoogbegaafdheid was ik toen nog niet bezig. Pas later legde ik het verband.
De docente Frans had een oplossing die ze vaker gebruikte om leerlingen te helpen ‘gaten’ in het programma te dichten. “Ik haal de essentie uit de stof en laat haar dan met elk onderdeel kennismaken. Aan het eind neem ik dan een daarop aangepaste toets af; tot nu toe merk ik in het volgende schooljaar geen problemen met deze leerlingen”, zei ze.

Later – toen ik in ruime mate ervaring had opgedaan met hoogbegaafde leerlingen – realiseerde ik me dat zij hiermee een prima staaltje van compacten ten beste had gegeven. Hoe ‘eenvoudig’ kan het zijn. Door de omstandigheden gedwongen verdiepte deze docente zich in de vraag wat essentiële leerstof was om het programma te kunnen voortzetten in de volgende klas. Daardoor kon het wel. Maar zou ze het tot een standaard aanpak hebben laten komen? Ik weet zeker dat ze dat niet aandurfde en wel op basis van het argument dat het voor de rest van de leerlingen niet goed zou zijn. Je kunt dan de vraag stellen of ze dat ook had onderzocht. Ik denk van niet. Het kwam toen gewoonweg niet bij ons op om hier de kern van differentiatie te zien.

Nu, vele jaren later, weet ik dat het zo had gekund; dat het nog steeds zo kan. Wat ontbreekt is het geloof in eigen kunnen en een juiste mindset. In gesprekken wordt mij vaak tegengeworpen dat met name beginnende leraren hier moeite mee zullen hebben, omdat ze de stof niet helemaal overzien. Dat kan kloppen. Maar ook hier is een oplossing voorhanden. Ik mag als coach optreden binnen het programma ‘leerKRACHT’, gebaseerd op de aanpak van het organisatieadviesbureau McKinsey. Binnen dat programma ontdekken leraren dat samenwerken loont. Lesvoorbereiding doe je het beste in gezamenlijkheid. Door in teams samen te werken, en door de professionele inzet van kennis van de meer ervaren leraren. Daarvoor is ruimte nodig voor eigen initiatieven, en vertrouwen van de kant van de schoolleiding. Ik merk dat het werkt. LeerKRACHT bewijst dat het kan.
Hadden we dit programma maar in de jaren ’80 gehad. Of was de tijd toen niet rijp?

Ik daag de lezer uit om dit ook te proberen. Tien tegen een dat het werkt.

Dick van Hennik
voorzitter BPS

© Begaafdheidsprofielscholen 2011 | Privacy Statement