Actueel

  • 10 december 2018

    Regeling doorstroom po-vo (hoog)begaafden gepubliceerd

    Lees meer…

  • 5 december 2018

    Het moet schuren. 8+-groepen op het Emelwerda

    Lees meer…

  • 5 december 2018

    Artikel Een soepele overgang voor (hoog)begaafde leerlingen

    Lees meer…

  • 1 december 2018

    Expertmeeting SLO Talentnetwerk Limburg

    Lees meer…

  • 21 november 2018

    Ontwikkelingen in de visitaties


    Lees meer…

Column Dick van Hennik #8: Is hoogbegaafdheid een talent?

Dick van Hennik is onder andere voorzitter van de Vereniging BPS. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

“Nee, mijnheer, uw onderzoek is voor onze school niet interessant, want wij richten ons niet op hoogbegaafdheid, maar in den brede op talentontwikkeling”. Dat antwoord kreeg Joep Vesters toen hij voor zijn boek onderzoek ging doen naar talentmanagement en daarvoor schooldirecteuren en –bestuurders ging benaderen.

Het boek van Vesters, Talentmanagement in de nieuwe tijd, is een van de twee boeken over hoogbegaafdheid waarin het woord hoogbegaafdheid niet voorkomt. Het andere boek is Van Mavo tot Harvard van Peter Riezebos.

Wat is dat toch? Die neiging om het woord hoogbegaafdheid maar te vermijden? Het zal wel in onze cultuur zitten, die van het bekende maaiveld. Wat overigens ook een drogreden is, want we vieren wel degelijk de successen van sportlieden en wetenschappelijke hoogstandjes.

De TU Twente stuurde me het boek van Riezebos waarin hij verslag doet van zijn queeste door ons door vaste procedures gedomineerde onderwijssysteem. Hij ging door diepe dalen en kwam uiteindelijk toch uit op de ‘mountain top’. En dat deed hij o.a. binnen de poorten van de TU in Enschede. De vraag is of dat de verdienste van de universiteit,van de schrijver of van een combinatie ervan. Uit het relaas blijkt wel dat de ondersteuning van het thuisfront uitermate belangrijk is geweest. Een combinatie van factoren dus. Het relaas van Riezebos toont wel dat de volhouder wordt beloond en dat het mogelijk is om op onorthodoxe wijze tot resultaat te komen. Want dat zijn route onorthodox mag heten, staat voor mij als een paal boven water. Dit laat echter onverlet dat er nog vele jonge mensen onnodig vastlopen in ons onderwijs en er dus sprake is van het verloren gaan van talent.

Is hoogbegaafdheid dan een talent? Ik hoor vaak dat die de vraag niet relevant is. Als dat niet zo zou zijn, is dan niet elke duiding van talent overbodig? Want wanneer geven we een sporttalent ruimte om zich in zijn of haar sport te ontwikkelen? Meestal toch als het talent is ontdekt, manifest is geworden. Sportprofielscholen hebben daartoe allerlei faciliteiten in het leven geroepen, zelfs vrijstellingen om de talentontwikkeling ruim baan te geven. Ook muziektalent wordt onderkend en gefaciliteerd. Dan mag cognitief talent dat toch ook?

Vesters beschrijft wat er in een organisatie, ook in een schoolorganisatie, nodig is om talent tot ontwikkeling te laten komen. De sleutelwoorden zijn meestal flexibiliteit, ruimte en uitdagende en hoogwaardige inhoud. Joep kreeg alsnog toegang tot diverse gesprekspartners toen hij uitlegde dat het om talentstimulering in den brede ging en ontdekte dat er meestal welwillend gekeken wordt naar uitzonderlijke prestaties, maar dat er onoverkomelijke belemmeringen worden gezien in de systemen die we hanteren. Talentmanagement komt dan dus neer op het wegnemen van die belemmeringen en dat geldt vooral voor onze scholen.

© Begaafdheidsprofielscholen 2011 | Privacy Statement